Kernramp Tsjernobyl Pripyat

Kernramp Tsjernobyl

posted in Reportage

Kernramp Tsjernobyl

In 2006, twintig jaar na de kernramp in Tsjernobyl, reisde ik naar het getroffen gebied en bezocht ik enkele bewoners van de streek die na de ramp naar hun huizen zijn teruggekeerd. Deze fotoreportage was mijn eindwerk tijdens de opleiding Fotokunst aan de academie in Anderlecht. Het Studiecentrum voor Kernenergie in Mol heeft tal van technische vragen beantwoord die ik in mijn reisverslag heb verwerkt. Op 26 april 2016 is het dertig jaar geleden dat deze kernramp plaatsvond. Deze maand publiceer ik een aantal fragmenten uit dat verslag van 2006.


Kernramp Tsjernobyl: 26 april 1986

De Russische overheid zag er blijkbaar geen graten in om het incident niet onmiddellijk officieel bekend te maken. Bij de ramp met kernreactor nummer 4 is meer dan acht ton radioactieve stof vrijgekomen. De straling was 400 maal hoger dan die van de atoombom op Hiroshima. De wetenschappers uit het Oostblok hadden een internationale reputatie hoog te houden die met één klap van de tafel zou geveegd worden indien dit nieuws bekend zou raken. Operatie doofpot ging van start. Dat was buiten enkele Zweedse wetenschappers gerekend, op weg naar hun werk de ochtend van 28 april 1986. Bij de toegangscontrole bleken ze sporen van radioactiviteit te vertonen terwijl ze zich ver van de gevaarzone bevonden. Men ging op zoek naar de bron van besmetting en uit een satellietfoto bleek dat die in Rusland lag. Op de foto zag men een grote rode vlek boven Tsjernobyl wat wees op een grote hoeveelheid warmte.

De wind dreef de radioactieve wolk in eerste instantie richting de nabijgelegen stad Pripyat. De stad ligt op enkele kilometers van de centrale en werd gebouwd in 1970 om arbeiders, kerntechnici en hun gezinnen te huisvesten. In de eerste uren na de ramp keerde de wind richting noorden en zo kreeg Belarus het grootste deel van de straling over zich heen. In een ijltempo heeft men in Pripyat de bijna 50.000 inwoners met maar liefst 1100 bussen geëvacueerd. Twee dagen later was Pripyat een spookstad, gedoemd om dat eeuwig te blijven.

Nadat men in Scandinavië een verhoogde radioactiviteit had gemeten, is er enkele dagen nadien ook nucleaire neerslag gemeten boven de rest van West-Europa. Onze weerman Armand Pien kreeg van hogerhand te horen dat hij tijdens zijn weerpraatje best geen paniek kon zaaien. Nog enkele dagen tot een week later registreerde men zelfs in de Verenigde Staten en Japan verhoogde dosissen radioactiviteit. Met het schaamrood op de wangen gaf de toenmalige Sovjet-Unie de ramp uiteindelijk toe. Hoeveel dodelijke slachtoffers er gemaakt zijn, kan of wil niemand vertellen. Exacte cijfers zijn er allicht niet. Bij velen zullen de gevolgen pas maanden of jaren nadien zichtbaar zijn.

Een blootstelling kan verschillende vormen van kanker en andere aandoeningen tot gevolg hebben: schildklierkanker, beenmergaantasting, maag- en darmletsels, aangeboren misvormingen, enz.

De Russische fotoverslaggever Igor Kostin heeft de ramp van Tsjernobyl van dichtbij meegemaakt en gefotografeerd. Kostin was een ooggetuige en is achteraf zelf ziek geworden als gevolg van de blootstelling aan de straling. De beelden die hij gedurende 20 jaar heeft gemaakt zijn gebundeld in een fotoboek. Ze tonen het verhaal van de opruimwerkzaamheden en de gevolgen van de ramp die het leven van ettelijke slachtoffers getekend heeft.

Vanuit Kiev kan je dagexcursies naar de verboden zone maken. Een agentschap regelt de toelating tot de zone en zorgt voor een gids en een chauffeur. Gedurende twee dagen laat ik me onderdompelen in de beklemmende en hallucinante sfeer van de spookstad Pripyat met haar verlaten straten, lege fabriekspanden, kazernes en flatgebouwen, wanordelijke leslokalen en peutertuinen. Een stad omgeven door desolate landschappen. In een ruimte achterin het cultureel centrum liggen portretten van plaatselijke politici en spandoeken ter ere van Lenin die tijdens de 1 meioptocht van 1986 zouden worden gebruikt, maar het Feest van de Arbeid werd uitgesteld. Een andere stille getuige van dat uitgestelde feest is het pretpark dat op diezelfde 1 mei plechtig zou worden geopend. De vele emoties en indrukken vragen tijd om te bezinken.

Enkele maanden later bevind ik me opnieuw in de verboden zone. Ditmaal logeer ik in Tsjernobyl zelf, kwestie van de tijdrovende ritten van en naar Kiev te beperken.

Kernramp Tsjernobyl

Kernreactor nummer 4

We rijden richting kerncentrale. Op de achterbank van de wagen ligt een propje papier. Mijn gids Maxim vraagt of dat van mij is. “Ja”, antwoord ik, “dat is voor de vuilnisbak”. “Je pensait que c’était peut-être un joint”, grapt hij. “Ik heb er in heel mijn leven drie gerookt”, zegt hij. Ik antwoord laconiek: “Ca on se voit encore”. Hij vertaalt de grap voor onze chauffeur Nikolaj waarop hij in een lachen uitbarst. Maxim en Nikolaj hebben duidelijk gevoel voor humor. De stemming is opperbest en er hangt een ontspannen sfeer.

We staan op 100 meter van kernreactor 4 en de dosismeter wijst 1,7 microsievert per uur (µSv/u) aan. Terwijl Maxim zijn uitleg doet over de verschillende reactoren die de centrale telt, stijgt de meter tot 7 microsievert per uur. Op bepaalde plaatsen binnen de verboden zone heeft men hele dorpjes onder de grond begraven. Je kan de plekken herkennen aan de kleine heuveltjes waar bovenop een paaltje staat met een radioactiviteitsymbool. Hier loopt de stralingsdosis op tot maar liefst 18 microsievert per uur.

Stralingsdosis

Een microsievert (µSv) is een eenheid die 1000x kleiner is dan een millisievert (mSv). Wanneer we buiten aan de centrale een straling van 1,7 tot 7 µSv/u registreren (de som van de natuurlijke blootstelling + de doordringende straling ten gevolge van de huidige plaatselijke radioactieve restbesmetting), geeft dat op deze plaats aanleiding tot een jaarlijkse stralingsdosis die fluctueert tussen 1,7 à 7 x 24 x 365 = ongeveer 15.000 à 60.000 microsievert, d.w.z. 15 à 60 millisievert per jaar. Ter vergelijking: de jaarlijkse stralingsdosis die elke Belg gemiddeld per jaar oploopt bedraagt 2 à 5 millisievert (mSv). Dat is de som van natuurlijke omgevingsstraling afkomstig uit het heelal, de aardbodem, natuurlijke besmetting in bouwmaterialen, de medische blootstellingen in ziekenhuizen, enz.

Kernramp Tsjernobyl

Hoe werkt een kernreactor?

De kernreactoren van Tsjernobyl zijn niet van het type dat in België in gebruik is. In theorie kan een ramp als die van Tsjernobyl bij ons niet voorkomen, wat niet wegneemt dat er in onze verouderde en gebrekkige kerncentrales geen andere gevaren schuilen. In essentie werken beide types reactoren op dezelfde manier: bij kernsplijtingen worden uraniumkernen gespleten, waardoor warmte ontstaat. Het water voert die warmte af en zet het vervolgens om tot stoom, dat op zijn beurt een turbine aandrijft waardoor elektriciteit ontstaat. In de centrale van Tsjernobyl was er een test gepland: men had reactor 4 naar een laag vermogen teruggebracht, maar de test zou teveel capaciteit vergen waardoor men ze tot ’s nachts heeft uitgesteld. Kernsplijtingen houdt men met regelstaven onder controle: laat men de staven zakken, gaat de reactor trager werken; laat men de staven stijgen, gaat de reactor sneller werken. Omdat reactor 4 te lang op een laag vermogen had gedraaid, probeerde men dat te snel weer op te trekken om sneller met de test te kunnen beginnen. Nadat enkele noodzakelijke veiligheidsmaatregelen waren omzeild, heeft men te veel regelstaven ineens uit de reactor getrokken waardoor men de controle over de warmte verloor. Er ontstond veel meer hitte dan de reactor kon verdragen, wat meteen leidde tot verschillende explosies. De ramp is deels te wijten aan een onnauwkeurigheid in de constructie van de reactor en deels door een menselijke fout.

Onderhoud kernreactor

In Tsjernobyl werken vandaag nog een groot aantal arbeiders en bedienden die instaan voor het dagelijks onderhoud. Zij mogen vanwege de straling telkens maximaal 15 dagen in de zone verblijven. Nog eens 15 dagen later mogen ze terugkeren. De ‘liquidateurs’ hadden dat geluk niet. Na de ramp zijn enkele honderdduizenden opruimers (grotendeels soldaten en officieren) naar de centrale en omstreken gestuurd om in de zwaar besmette zone de rotzooi op te ruimen. Niemand van hen was op een dergelijke opdracht voorbereid. De veiligheidsmaatregelen en de uitrusting boden geen waterdichte bescherming. Wat er van hen is geworden, weet niemand met zekerheid. Velen zijn gestorven kort na de opruimingswerken, anderen stierven later, nog anderen dragen tot vandaag de gevolgen van de ramp. Exacte cijfers kent niemand.

error: