Recensies

Sony RX10-III hands-on preview

Sony RX10-III

Dit artikel is een gastblog van Arnout. Het verscheen onlangs op het Sony Community, een officieel forum van Sony waarop gebruikers hun ervaringen omtrent Sony producten met elkaar kunnen delen.


De hele Sony RX-serie is nogal bijzonder: in een zo klein mogelijke behuizing (formaat van een compactcamera) tot een DSLR-stijl camera bouwt Sony een zo groot mogelijke sensor in. Immers: hoe groter de sensor, hoe hoger de kwaliteit. De markt van compactcamera’s heeft enorm te lijden onder de populariteit van smartphones, maar de RX-serie onderscheidt zich van smartphones door hun kwaliteit (met dito prijs).

Sony RX10

De RX100-serie zijn echte compactcamera’s. Ze passen letterlijk in je broekzak of in de (hand)tas. De prijs varieert van zo’n 350 euro tot 1150 euro voor de nieuwste generatie. De keerzijde van een grote sensor inbouwen in een piepkleine body is de beperkte zoommogelijkheid.

Hierop heeft Sony de RX10-serie ontwikkeld. Het ziet eruit als een spiegelreflexcamera, maar door de ingebouwde lens (en een kleinere sensor t.o.v. een spiegelreflexcamera) kan je een groter zoombereik inbouwen. Tot voor kort ging de RX10-serie van 24mm tot 200mm bij een lichtsterkte van F2.8. Voor velen (waaronder mezelf) is dat nog steeds wat aan de korte kant, vooral als je op vakantie graag maar één camera meeneemt. De kwaliteit is dik in orde, maar “meer zoom” is wat je het meest hoort over deze camera. De nieuwe RX10-III brengt daar verrassend genoeg verandering in: de lens gaat van 24-600mm met een lichtsterkte van F2.4 tot F4.

Sony RX10-III

Ik stond ooit op het punt mijn Nex-5N met 18-200mm lens te vervangen door een RX10 voor gebruik op vakantie (sommige partners vinden het fijn als niet alle aandacht naar dat elektronische apparaatje gaat). Maar verandering brengt altijd kosten met zich mee wat ik er toen niet voor over had. Daarnaast, 200mm in full-frame equivalent is mooi maar zou toch een stapje terug zijn. Maar nu? Jongens toch… ik ben er heel zeker van dat iedereen die deze camera even uitprobeert en de foto’s/lens bekijkt hetzelfde gevoel zal hebben: dit beestje zal je verbazen.

Laat ik meteen met de deur in huis vallen: je neemt deze camera vast met het idee: “dit is gewoon een RX10-II met een andere lens”. Voor 90% klopt dat ook volledig: de RX10-II met zijn nieuwe 20 megapixel stacked sensor (lees: kleine revolutie in sensortechnologie) verbeterde de autofocus plots een groot stuk, verbeterde de burstsnelheid (in jpeg) enorm, en vooral: slow-motion filmen werd mogelijk. Wat sinds de vorige generatie een beetje achterbleef, was het zoombereik. Je kan er niet om heen, maar een groot stuk van het doelpubliek van deze camera zoekt meer zoom dan een (lichtsterke) 200mm op het tele-uiteinde. Een verandering van 10%, maar tien heel belangrijke procentjes. Vooral de nieuwe lens neemt daar het belangrijkste aandeel in, maar ook een paar vernieuwde functies (hulpmiddel om te “zien” hoever je ingezoomd bent), meer eigen instelmogelijkheden (waaronder keuze draairichting lens, welke ring welke functie krijgt (zoom of scherpstellen), twee ringen op de lens, meer knoppen (waaronder een C1 en C2 op de bovenzijde van de camera zoals de A7-serie), enz.

Sony RX10-III

Welk doelpubliek voor Sony RX10?

Wie is het doelpubliek van deze camera? Naar mijn persoonlijke mening vind ik dat mensen iets te snel springen op een systeemcamera. Een A6000 met kitlens (16-50mm lens) is uiteraard een heel goede keuze, maar als het bij de kitlens blijft (of je koopt maar één lens en houdt het daarbij) dan is het zonde van zo’n goede camera te kopen. De onbalans tussen een te goede camera met een matige lens lens of een te slechte lens voor een uitstekende camera is nogal groot. Denk eens aan een RX10-camera. Beide RX10-modellen (versie II en III) leven naast elkaar. Het zijn eerder versie IIA en IIB dan wel een versie III, wat een nieuwe generatie impliceert. Beide camera’s zijn ook perfect allround, de RX10-II mikt eerder op de fotograaf die lichtsterkte boven zoom (24-200mm F2.8) verkiest, de RX10-III mikt eerder op de fotograaf die een veel breder zoombereik wil. Bovendien is deze lens de meest lichtsterke in zijn soort (24-600mm F2.4-F4). Maar met de RX10-III zie ik mezelf ook als doelpubliek: als je een evenwicht zoekt tussen “ik wil geen hele rugzak materiaal rondsjouwen” en “ik wil (op vakantie) ook geen spijt hebben van te weinig mee te nemen” dan is de RX10-III ideaal. Geen kleine camera, zeker niet op 600mm.

Driemaal “wow” dankzij de Zeiss-lens

Toen ik de RX10-III uit de doos nam, viel meteen op dat de grip beduidend dieper was. Wat ook meteen opvalt (en nog meer dan met de vorige generaties) is die dikte van de lens. De camera ziet er meer dan ooit uit als een spiegelreflexcamera (zeker langs onder gezien), een beetje ironisch net in het tijdperk waarin systeemcamera’s stevig beuken op de eeuwenoude en heilige muren van de spiegelreflexcamera’s. Een lens die zoomt van 24mm tot 600mm hoort niet klein te zijn. Neem daarbij een lichtsterkte van F2.4 tot F4 en op papier denk je al “wow”: Zeiss 600mm en F4.

Sony RX10-III

Mijn tweede “wow” kwam (nadat ik de camera volledig had ingesteld naar mijn persoonlijke smaak) toen ik scherp stelde op 600mm F4: die is verrassend snel. Ik probeerde het uit van oneindig tot enkele meters afstand en terug. Daarbij moet ik wel meteen een kanttekening maken. Als de lichtomstandigheden ideaal zijn (lees: zonnig) dan is de lens echt verbazingwekkend snel, maar binnenhuis op 600mm (wat je in de praktijk zelden zal doen) kan de lens best wel wat last hebben van “hunten”. Dit betekent dat de lens heen en weer “scant” op zoek naar het onderwerp. Occasioneel had de camera/lens op 600mm ook daar wat last van in goede lichtomstandigheden, maar dit was slechts een enkele keer. Wanneer het echt donker wordt, lukt scherpstellen nog wel, maar de lichtsterkte van F2.4 (die je overigens enkel op 24mm hebt) is dan wel een troef.

Sony RX10-III

De derde en grootste “wow” kwam van de kwaliteit van de lens. Wanneer je de specificaties leest, dan denk je sowieso “leuk, zo’n groot zoombereik, maar kwalitatief gaat het er alleen op achteruit”. De veel compactere RX100-III en IV hebben een lens die ik beschouw als uitmuntend wat scherpte betreft. Het biedt een klein zoombereik met een kwalitatieve lens die werkelijk bijzonder goed is. De RX10 en RX10-II hebben een 24-200mm F2.8 lens waarvan de kwaliteit hoog ligt, maar je duidelijk een prijs betaalt voor het grote zoombereik. Wanneer je de (dalende) lijn in lenskwaliteit doortrekt naar een gigantisch zoombereik van 24-600mm F2.4-F4, dan zou je kunnen stellen dat er teveel compromis zal optreden. En toen kwam die “wow”. Deze lens is ongelofelijk scherp op 600mm F4. En niet enkel in het centrum, ook de (verste) hoeken zijn scherp.

Als je mij louter op foto gebaseerd zou vragen of dit een lens met vaste brandpuntsafstand zou kunnen zijn, dan zou ik zonder aarzelen “ja” antwoorden. Dat in het algemeen lenzen scherp zijn in het centrum en een heel stuk minder in de hoeken is “normaal” gedrag. Dat een lens op zijn uiterste tele-einde zo scherp is, dat is “verrassend goed” gedrag. Dat het verschil tussen de hoeken en het centrum zo klein is, dat is zelfs “zeer verrassend” gedrag.

Beeldstabilisatie

Een 600mm lens met dergelijke kwaliteiten mag dan spectaculair zijn, zonder een beeldstabilisatie is het maar half zo nuttig. Ook daar heb ik goed nieuws: de beeldstabilisatie werkt echt voortreffelijk. In tegenstelling tot andere “klassieke” lenzen met lensstabilisatie blijft de stabilisatie een nuttige tijd langer doorwerken als je de sluiterknop loslaat. Voor mensen die graag enkele keren scherpstellen om goed scherp te stellen is dat zeer nuttig. De ideale wildlife camera? Voor de doorwinterde natuurfotograaf uiteraard niet (alleen al omwille van het idee dat je “met iets klein” rondloopt). Maar bedenk even dit: met een gewicht van 1,1 kg neem je dit toestel makkelijk mee. De camera en lens zijn relatief klein, het sluitergeluid bijna niet hoorbaar, 600mm met een uitstekende beeldstabilisatie. Toch wel erg verleidelijk.

Beeld- en sensorkwaliteit

Ook op 24mm is de lens bijzonder goed. Onderstaande foto toont eerst de gehele foto, vervolgens de crop in het midden en in de rechteronderhoek. De kwaliteit is zelfs in de praktijk nog beter (er gaat online wat verloren). De crops zijn overeenkomstig de rode kaders op onderstaande foto.

Sony RX10-III

100% crop centrum
Sony RX10-III

100% crop rechterbenedenhoek
Sony RX10-III

De sensorkwaliteit is bijzonder goed (dezelfde als de RX100-IV). Uiteraard is dit geen full-frame sensor (1″ is zo’n zeven maal kleiner dan een full-frame sensor) maar de kwaliteit mag er zeker zijn. Bij overbelichte delen en wanneer je foto’s (stevig) bewerkt, merk je dat je niet met dezelfde kwaliteiten zit als een full-frame sensor. Er ontstaat sneller ruis als je verscherping toepast en sterk belichte delen van een foto overbelichten sneller. Bedenk wel dat ik nu een vergelijking maak met zowat de beste full-frame sensor van het moment (Sony A7RII). Om te demonstreren hoe goed deze sensor wel is (relatief voor zijn grootte en doet zelfs mee met de grote jongens), heb ik onderstaande foto in Lightroom bewerkt. De schaduwen werden maximaal opgelicht, de hoge lichten maximaal hersteld, puur om te tonen wat mogelijk is. Sensortechnologie is iets waar Sony heer en meester in is.

Sony RX10-III Lightroom

Nadelen

De camera en lens hebben ook duidelijke nadelen. Dankzij een knap design komt de lens verder uit de body dan je zou denken: de lensbuis is verwerkt tot bijna tegen de achterzijde van de camera zodat het verder kan uitschuiven. Een grote lens is op zich geen probleem, maar zoomen van 24mm tot 600mm duurt wel even. Je kan de snelheid van zoomen variëren met de uitwijking die je met je vinger geeft op de W/T-zoomknop rond de sluiterknop. De maximale snelheid van zoomen kan je in het menu instellen tussen normaal en snel. Op “snel” (wat ik zou aanraden) duurt het ongeveer 2,2 tot 2,3 seconden. Draaien aan de ring van 24-600mm duurt eindeloos lang, je zal vele malen aan de zoomring moeten draaien om te zoomen. Ik merk dan ook dat ik in de praktijk mijn vinger steevast gebruik om te zoomen met het schuifknopje.

Daarnaast is de ingebouwde ND-filter verdwenen: voor videografen die het graag gebruiken in daglicht om de sluitertijd te fixeren kan dat een minpuntje zijn.

Echt actiegericht is de camera ook niet echt. Het zoomen gaat daarvoor te traag en het ontbreken van fasedetectiepunten zou tot ergernis leiden als de camera even focus zou missen. Met fasedetectie pikt de camera snel de actie terug op, met contrastdetectie (wat de RX10-III heeft) gaat dat niet zo vlot. Begrijp mij niet verkeerd, scherpstellen gaat verbazingwekkend snel voor een enkele foto, maar dat maakt een camera nog geen actiecamera. Een A6300 met goede lens is daar véél geschikter voor.

Beperkte scherptediepte

Een andere (en voor mij belangrijke) reden waarom ik mijn Nex-5N nog steeds niet het verkocht, is de beperkte scherptedieptecontrole die je met een 1″-sensor tegenover een APS-C camera bekomt. Alles heeft net iets teveel scherptediepte naar mijn zin. Vergeleken met de RX10-II gaat de RX10-III er (logischerwijs) op achteruit: een mindere lichtsterkte vanaf 28mm (tussen 24 en 28mm zit de RX10-III in het voordeel) tot 200mm. Op ongeveer 100mm zit de RX10-III reeds op F4. Natuurlijk komt de RX10-III in het voordeel vanaf 200mm. Vind je 135mm op je APS-C camera te weinig (= equivalent van wat de RX10-II kan), dan is de RX10-III iets waar je heel serieus moet naar kijken.

Op zich klinkt een diafragmawaarde van F4 wel goed, maar als je rekening houdt met de sensorgrootte bekom je een equivalent diafragma van F11. Neem maar eens foto’s op 100mm (full-frame equivalent) en F11. Voor het grote zoombereik betaal je dus wel een prijs. Hoe meer je inzoomt, hoe kleiner dat nadeel wordt: op 600mm F11 heb je eigenlijk een erg mooie lens. Kortom, wat lichtsterkte betreft, heb je een 600mm F4 lens, maar wat scherptediepte betreft, moet je de sensorgrootte in rekening brengen. In de praktijk blijkt dat eigenlijk een groot voordeel wanneer je boomkikkers fotografeert: 600mm F4 was best prettig. Het diafragma verhogen vond ik niet nodig.

Sony RX10-III

Andere verrassingen

De “macro”-capaciteiten van deze lens zijn ook ongelofelijk: op 24mm kan je gewoon met je lens op je onderwerp zitten (totaal onzinnig uiteraard), maar op 600mm kan je scherpstellen tot op 72cm van de sensor. Er is geen enkele 600mm lens die daar ook maar een heel klein beetje in de buurt van komt: 4,5m voor een typische 600mm F4 lens. Een typische zoomlens die tot 600mm gaat, doet een met 2,7m een stuk beter. Scherpstellen tot op 72cm betekent dat je bijna 1:2 vergroting haalt. Bijna echte macro dus.

Praktijkvoorbeelden

Onderstaande groene boomkikkers zijn maar enkele centimeters groot. De beeldstabilisatie deed enorm goed zijn werk. De autofocus in combinatie met flexibel punt is goud waard voor dergelijke opnamen. Gefotografeerd uit de hand.

ISO200, 600mm, F4, 1/250
Sony RX10-III boomkikker

ISO100, 600mm, F4, 1/1600
Sony RX10-III boomkikker

ISO100, 600mm, F4, 1/1000
Sony RX10-III

Enkele voorbeelden van foto’s die eerst gefotografeerd werden op 24mm en vervolgens vanop dezelfde plek op 600mm (aangegeven met rode kader):

Sony RX10-III

Sony RX10-III

Foto uitgezoomd op 24mm, je moet heel goed kijken in het midden van de foto dan zie een ooievaar.

Sony RX10-III

Ingezoomd vanop dezelfde plek tot 600mm. Merk op dat er op 600mm nauwelijks een spoor purple fringing te vinden is. Was ook een grote verrassing.

Sony RX10-III

Dit zie je op 24mm…
Sony RX10-III

…en dit ingezoomd op 600mm
Sony RX10-III

ISO400, 600mm, F4, 1/250
Sony RX10-III

ISO400, 600mm, F4, 1/250
Sony RX10-III

Voorbeeldje van scherpte (heel soms zie je wel moiré verschijnen):
ISO100, 600mm, F4, 1/500
Sony RX10-III

Crop van bovenstaande foto
Sony RX10-III

ISO100, 600mm, F4, 1/500
Sony RX10-III

Besluit

Het mag duidelijk zijn: de lens was op papier indrukwekkend, in de praktijk heeft het mij tot hiertoe enorm verrast en heeft het de RX100-IV op mijn persoonlijke verlanglijstje van de troon gestoten. Een zeer groot zoombereik met dergelijke scherpte en lichtsterkte: daar zal de concurrentie niet snel een antwoord op hebben. Chapeau Sony!

Gerelateerde berichten

2 Reacties

  • Reageer
    joost
    26 mei 2016 at 13:42

    je spreekt over camera afstellen op je persoonlijke wensen
    wijzig jij veel qua instellingen in je contrast – verzadiging – kleurweergave als je je jpg bestanden SOOC wilt gebruiken ?

  • Arnout
    Reageer
    Arnout
    26 mei 2016 at 15:15

    Hallo Joost,

    Sony camera’s zijn de laatste jaren steeds meer in te stellen naar je eigen smaak. Daarmee bedoel ik in hoofdzaak de moduleerbaarheid van de knoppen. Je kan bijvoorbeeld iso onder bijna eender welke knop plaatsen.
    Ik gebruik nooit SOOC jpegs, maar voor mijn vrienden stel ik het enkel in op vivid (levendig) voor daglicht, maar op standaard bij kunstlicht. In kunstlicht loop je het risico dat een eventueel te warm witbalans resulteert in nog geligere kleuren…

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

error: